Van applaus naar stilte
In 2022 kreeg ik een burn-out.
In deze blog neem ik je mee in mijn verhaal, over de lange weg er naar toe. Want een burn-out ontstaat niet ineens. Het groeit. Stil. Langzaam. Terwijl je doorgaat.
Ik ben iemand van het aanpakken, altijd in beweging en doen wat ik leuk vindt.
Van controle, overzicht en verantwoordelijkheid.
Iemand die alles tot in detail uitvoerde.
Perfectionistisch, bang om te falen.
Ik was ook iemand die al van jongs af aan heeft geleerd om te zorgen voor een ander.
Niet omdat ik moest, maar omdat ik liefhad en ik als kind deze taak erg serieus nam. Deze woorden bleven hangen wanneer mijn vader op uitzending ging:
“Zorg je wel goed voor mama als ik weg ben?”
Vanaf dat moment voelde ik verantwoordelijkheid en checkte ik continu hoe het met de mensen op me geen ging.
Ik probeerde relaties te fixen, pijn te dragen die niet van mij was.
Ik ben hoog sensitief en voel de ander feilloos aan.
Ik stond altijd klaar, om te vechten, om te dragen, om door te gaan.
Ik ging over mijn grenzen. Steeds weer.
Ik zette mezelf niet op nummer één.
Ik had geen rem.
Energie stroomde niet meer
Mijn hobby was mijn passie, mijn passie werd mijn werk.
Mijn werk werd uiteindelijk iets wat ik moest dragen.
Jarenlang trok ik de kar.
Het bracht me veel, succes, uitverkochte zalen, staande ovaties, blije kinderen en trotse families. Van het geweldige applaus naar de enorme stilte. Een zwart gat en eenzaamheid, na keer op keer een enorme overlevingsrush. Het kostte me veel.
Na elke voorstelling, na elke intensieve periode, zei ik:
“Hier moet ik nog maanden van bijkomen.”
Achteraf gezien zegt dat genoeg.
Ik functioneerde.
Maar ik leefde op reserve. Automatische piloot.
Ik zat eigenlijk al jaren in een burn-on.
Altijd aan en gaan.
Gedreven door overtuigingen die diep verankerd zaten:
niet zeuren, doorgaan, sterk zijn. Maar ook alles aanpakken omdat ik alles leuk vindt!
Ook privé stapelde het zich op.
Maar stoppen kon ik niet. Ik wist niet hoe ik voor mezelf moest kiezen.
Ik sportte mijn emoties weg.
Ik was verslaafd aan resultaat en prestatie.
Mijn lichaam begon te schreeuwen:
hartkloppingen, eczeem, slechte nachten, uitputting, verdriet, boosheid.
Ik herkende mezelf niet meer.
De sneltrein
Wanneer had ik eigenlijk een burn-out?
Mijn huisarts bevestigde het niet.
Maar de mensen om me heen zagen het al lang.
“Doe je niet te veel?”
“Denk je wel aan jezelf?”
Tot het moment een vriendin mijn rem in trapte, ik kon niet meer stoppen met huilen.
Alles kwam eruit: ik ben op.
Ik zat in een sneltrein waar ik niet meer uit kon stappen.
Mijn zenuwstelsel draaide overuren.
Altijd in overleving.
In mijn herstel voelde ik me schuldig.
Schuldig om te rusten.
Schuldig om plezier te hebben.
Zelfs de mooie dingen kostten energie.
Motor rijden met mijn vader lukte niet eens.
Ik kon mijn bed niet uit.
Ik voelde leegte. Helemaal opgebrand.
Alleen de natuur bracht me rust.
Het aller zwaarste in die periode was misschien wel het schuldgevoel.
Schuld dat ik niet werkte. Schuld dat ik rust nodig had. Schuld dat ik ‘nog niet beter’ was.
Daardoor ben ik eigenlijk te snel weer aan het werk gegaan.
Maar ja… wat is te snel?
Ik voelde me niet gezien of gehoord door de bedrijfsartsen.
Ik liet mijn eczeem-armen zien en zei:
“Dit kan zo toch niet verder?”
Maar het leek er niet toe te doen.
Het enige wat telde, was: zo snel mogelijk weer aan het werk.
Ik had drie bedrijfsartsen, voor elke werkbranche één.
Het was verwarrend, stressvol en te veel.
Het werkte averechts.
Het hielp me niet.
Wat mij wél hielp, was rust. En tijd.
Toch begon ik weer.
Met een paar danslessen.
Met de wedstrijd danslessen, omdat die ‘het makkelijkst’ waren.
En ‘het belangrijkst’ op dat moment voor mijn gevoel.
Maar juist daar zat de meeste druk.
Prestatie. Verwachting. Bewijzen.
Soms is instorten het begin van thuiskomen
Ik bouwde mijn werk rooster langzaam op, omdat ik dacht dat dat het juiste was.
Omdat ik mijn werkgevers wilde laten zien dat ik er weer bovenop kon komen.
Dat ik het kon. Dat ik sterk was.
En ja, met af en toe een stap achteruit en veel stappen vooruit, kwam ik ook weer een heel eind.
Ik praatte met de praktijkondersteuner.
Ik volgde psychomotorische therapie.
En ergens in dat proces begon ik te beseffen:
ik moet het anders doen.
Ik moest opnieuw mijn passie gaan vinden.
Na een behoorlijke zoektocht kwam ik uit bij de opleiding integrale holistische massage therapie. Ik ben gaan investeren in mezelf en dat is het mooiste cadeau dat ik mezelf ooit heb gegeven.
Via integrale holistische massage therapie kwam ik weer in contact met mijn lichaam.
Ik leerde voelen. Grenzen herkennen. Vertragen.
Mijn burn-out zie ik nu als een cadeau.
Een radicale switch.
Een uitnodiging om het anders te doen en dichterbij mezelf te zijn.
Dankzij mijn eigen ervaring en de verdiepende nascholing die ik in 2025 volgde, ben ik bezig het Burn-out Traject te ontwikkelen.
Daar vertel ik meer over in een andere blog.
In deze blog wilde ik vooral dit delen aan degene die zichzelf hierin herkennen:
Je wordt gewaardeerd.
Je bent niet zwak.
Je bent niet te gevoelig.
Je bent niet kapot.
Je lichaam probeert je iets te vertellen.
En soms is instorten het begin van thuiskomen.

